Het Eucharistische Vasten De nieuwe Paus Constitutie van Pius XII LUISTERAARS IN OPSTAND Betere radio-ontvangst in het Noorden noodzakelijk Plaats van het ziekenhuis in de samenleving R.K. Vroedvrouwenschool Heerlen bestaat 40 jaar Een voortreffelijk stuk emancipatiewerk m Mgr Henricus Leven S.V.D. V' ■■'r' Andere uitzonderingen op het nuchter communiceren Lucia di Lammermoor Symposion van geneeskundige afdeling van het Thijmgenootschap IN MEMORIAM Gevecht in worstfabriek WOENSDAG 4 FEBRUARI 1953 PAGINA 8 II (Slot) Het Eucharistisch vasten van thans De mogelijkheid tot dispensatie Italiaanse opera HANDEL MET JOEGOSLAVIË De drie meest voorkomende gevallen Het late Communie-uur Het ongemak van de dispensatie Gevaren Plaats van de huisarts Bredere doelstelling Een noodzaak kostbaar anthraciet onder de grond Magnifiek gebouw Up to date Worden gehouwen ondermijnd? Ongestoorde ontvangst P.T.T. vóór F.M.-zenders Eerste missie-synode Grote offers °™te °ffeJs vergde de tweede wereld- ëpn H J6? moest mgr Leven het aan- ïrÜv' Z^n Duits missiepersoneel ver trok, om geïnterneerd te worden op Su matra en naderhand in Brits-Indië, waarbij 19 medebroeders gedurende het transport op zee in de golven omkwa men. Na de invasie van Japan verloor hij ook zijn Nederlands personeel, het welk op Celebes geïnterneerd werd en waarvan 7 missionarissen niet meer terugkeerden. Slechts een tiental mis sionarissen had mgr Leven toen tot zijn beschikking. Met hen was hijzelf voort durend op tournee om voor zijn 300 000 Christenen op Flores te zorgen en hen tegen het Mohammedanisme te bescher men. In deze moeilijke tijd kreeg hij onverwachts hulp van de beide Japanse Kerkvorsten van Nagasaki en Hiroshima en twee Japanse priesters. Afloop was dodelijk MGR. H. TILLEMANS NAAR ROME T~~\ E bedoeling van het Eucharistisch I J vasten was een waardige voorbe reiding to zijn op de H. Communie. Het zou averechts werken, als daardoor bepaalde personen blijvend van liet ont vangen van de H. Eucharistie zouden worden uitgesloten. Het Concilie van Constanz (1415) verklaarde dan ook, dat het nuchterheidsgebod gold, tenzij in geval van ziekte of van een andere noodzaak, door de Kerk erkend of vast gesteld. Doch terwijl de behoefte om tn 'het gewone vasten verlichting aan te brengen vooral in het Noorden algemeen werd aangevoeld, was dit niet het geval met het Eucharistisch vasten. De nood zaak van verandering in de gewone vastenpraktijk was het gelukkig gevolg van de ernstige wil der gelovigen om het vasten te onderhouden. Men kwam daar aan tegemoet door de vastenpraktijk ook voor de arote massa physiek mogelijk te maken: toegestaan werd het nemen van meer dan één maaltijd en het totale nuchterzijn gedurende de morgen werd prijsgegeven. Het strenge handhaven van het Eucharistisch vasten was helaas mede het gevolg van de lauwheid der gelovigen, die steeds minder gingen communiceren en aldus niet verlangden naar dispensatie in het nuchter-blijven. Het communiceren ging zich beperken tot een zeldzame keer per jaar. Wel trachtte het Concilie van Trente (1562) de oude praktijk te doen herleven. Het sprak als zijn wens uit, dat „de christenen, zo dikwijls zij de H. Mis bij wonen, tevens niet alleen geestelijk, maar ook sacramenteel communiceren", d.w.z. minstens op alle Zon- en feest dagen. Maar de star-strenge beweging van het Jansenisme deed daarna aan de herleving van de gezonde praktijk grote afbreuk, zodat de omkeer eerst begon door het befaamde decreet van de Z. Paus Pius X (1905): „de mogelijkheid tot de veelvuldige, ja dagelijkse Com munie moet openstaan voor alle gelovi gen van alle stand en rang"; geëist wordt daartoe het „vrij zijn van (nog niet in de Biecht vergeven) grote zon denschuld", „de goede en zuivere be doeling" (geen minderwaardige redenen, geen 'menselijk opzicht) en „een zorg vuldige voorbereiding en passende dank zegging naar vermogen". Nu de Paus zo uitdrukkelijk had ver klaard, wat Christus' bedoeling is geweest met het instellen van het H. Sacrament, is een verheugende volgzaamheid 't ant woord der gelovigen daarop geweest. De veelvuldige Communie kwam weer in ere en daarmee deed zich ook de behoefte gevoelen naar een meer soepele regeling van het Eucharistisch vasten, n.l. voor degenen, die door ziekte of door ander groot ongemak niet geheel nuchter kon den blijven. Door persoonlijke dispensa ties en door enige dispensatie-volmacht aan verschillende bisschoppen verleend, kwam de H. Stoel aan deze wensen tege moet. Ten slotte werd deze aangelegenheid algemeen en uniform geregeld door de nieuwe Constitutie van P. Pius XII (6 Jan. 1953 en van kracht geworden op 16 Jan. d.a.v.). OM wille van het Hoogheilig Geheim, dat men in de H. Communie ont vangt, blijft de H. Kerk een waar dige voorbereiding naar ziel en lichaam van de communicant vragen. De lichame lijke voorbereiding blijft onverkort be staan in de verplichting van het Eucha ristisch vasten. Daarom zal ook de och tendmis (beginnend tussen een uur na het morgenrood en een uur na de middag) de gewone praktijk moeten blijven. Dan im mers alleen is het Eucharistisch vasten al gemeen te handhaven. 't Eucharistisch vasten bestaat voortaan ln het zich onthouden (van middernacht af) van alle spijs en van alle drank, be halve van gewoon water. Of naar ons hui dig spraakgebruik geformuleerd nuch ter blijven van middernacht af, maar het gebruik van water ontnuchtert niet. Deze bepaling geeft de oude zin aan 't „nuch- ter-zijn" terug het is vasten vóór de H. Communie, maar nu op water alleen. „Allen zo zegt de Paus letterlijk moeten het volgende duidelijk voor ogen houden Wij willenwat het Eucharis tisch vasten betreft, de volle kracht van deze wet en gewoonte bevestigen; vervol gens is het Onze bedoeling ook hen, die deze wet kunnen onderhouden, te verma nen, dat zij zorgvuldig doorgaan om dit te doen". Als algemene regel geldt dus voortaan indien mogelijk vasten op wa ter alleen. TOCH blijft deze vorm van vasten soms nog grote bezwaren voor bepaalde groepen van personen meebrengen. Tot nog toe was daarin voorzien door dis pensatie, door de Paus of met Diens vol macht door de bisschoppen of met hun volmachten door de biechtvaders gegeven. Geen springvloeden weerhielden de Italianen om „Lucia di Lammermoor" in het goed bezette Gebouw v. K. en W. we derom ten tonele te brengen. Deze Lucia behoort blijkbaar tot de „onsterfelpken zolang er nog coloratuur-zangeressen gevonden worden om de titelrol te ver vullen. Want volgens zeggen van de componist Donizetti zelf bevat deze par tij alle technische moeilijkheden welke men voor een sopraan maar denken kan. Ongeacht de drakerigheid van de tekst speelde men het klaar om deze vergane glorie wat op te sieren d.m.v. een springvloed van Italiaanse geestdriftig heid Het tableau de la troupe bracht o.m. een zeer acceptabele, niet brillante maar toch technisch bijzonder geschoolde Lu cia in Magda Piccarolo. Vervaarlijk gro te en bronzen stemmen van de kasteel heer, Vittorio Benetti en Lucia's opvoe der in Bruno Ciani verpersonifieerd, stonden haar ter zijde; maar méér nog ging de bewondering uit naar Alex. Ba- rollo, wiens tenorstem vooral in de duet ten veel timbre-overeenkomst met die van zijn geliefde vertoonde. Het geheel werd door de dirigent Bar santi doelbewust geleid. Naar de directie mededeelde zal een extra voorstelling ten bate van het Ned. Rode Kruis gegeven worden, terwijl in de pauze gecollecteerd werd. Herhalingen zullen deze week plaats vinden o.m. in Eindhoven en Heerlen. M. De contingenten in het lopende Neder- lands-Joegoslavisch handelsaccoord had den een geldigheidsduur t.m. 31 Decem ber 1952. In overleg met de Joegoslavi sche autoriteiten is de geldigheidsduur verlengd tot 30 April 1953 met dien ver stande dat t.a.v. de desbetreffende con tingenten geen proportionele verhoging zal worden toegepast. Al deze dispensaties, persoonlijke plaatselijke, zijn vanaf 16 Januari j.l. ver vallen en men kan daar geen gebruik meer van maken. Wel blijft natuurljjk de kerkelijke wet van kracht, dat men in stervensgevaar of bij gevaar van ontering van het H. Sacrament zonder meer mag communiceren. In plaats van de afzonderlijke dispensa ties is thans voor de gehele Kerk een uniforme regeling getroffen. Buiten de ge vallen in deze regeling genoemd, is geen dispensatie meer mogelijk en men heeft zich strikt aan deze regeling te houden, ze niet uit te breiden over andere geval len. Bovendien moet alle misbruik en on eerbiedigheid jegens het H. Sacrament bij het gebruikmaken van de dispensatie wor den vermeden. De dispensatie geldt ook alleen voor zover en zo lang hetzelfde aan zienlijke bezwaar of ernstige ongemak blijft bestaan. Meent men, dat men om een van de on derstaande gevallen in aanmerking komt voor verlichting van het Eucharistisch vasten, dan heeft men zich tot 'n biecht vader te wenden, aan wie in laatste in stantie de beslissing toekomt. Onder biechtvader wordt hier verstaan een priester, die volmacht heeft om biecht te horen (jurisdictie heeft); men kan hem ook buiten de biecht zijn geval voorleg gen. De biechtvader heeft dan te oorde len. of men van de lichtere vorm van Eucharistisch vasten gebruik mag maken en hij kan dit toestaan voor één keer, voor kortere of langere tijd, naar zijn verant woordelijkheid hem dit ingeeft. De voor ons land meest voorkomende gevallen zijn die van ziekte, inspannende arbeid en grote afstand van de kerk. Er is nog een ander geval het late uur van de H. Mis, maar dit zal slechts bij uit zondering hier van toepassing kunnen zijn en zal daarom afzonderlijk worden ver meld. OOREERST ziekte Als het voor een zieke, al dan niet bedlegerig, een ernstig ongemak is om voor de H. Communie te vasten op water alleen, dan kan hij met verlof van de biechtvader ook andere drank (b.v. thee, melk) gebruiken; ook mag hij dan medicijnen (b.v. poeder, drankje, tablet, capsule) innemen. Het is echter niet toe gestaan alcoholische dranken te gebruiken ook al zou dit door de dokter zijn voor geschreven. Medicijn is in de strikte zin op te vatten n.l. dat wat door de dokter wegens de ziekte wordt voorgeschreven of wat in het gewone spraakgebruik „medi cijn" heet. Elke willekeurige vaste stof, die men als voedsel gebruikt, kan echter niet als medicijn worden beschouwd. Het moet werkelijk geneesmiddel zijn in de boven omschreven zin. Samengevat wordt dit derhalve Zie ken, die meer nodig hebben dan water al leen vóór de H. Communie, kunnen van de biechtvader verlof krjjgen voor de H. Communie aldus te vasten na midder nacht geen vaste spijzen en geen alcoholi sche dranken meer gebruiken. Geneesmid delen zijn dan ook geoorloofd. Vervolgens inspannende arbeid. Degenen, die tussen middernacht en de H. Communie zulke inspannende arbeid moeten verrichten, dat zij niet kunnen vasten op water alleen, kunnen met verlof van de biechtvader tot een vol uur vóór de H. Communie ook andere dranken ge bruiken (b.v. koffie, melk), behalve alco hol. Als voorbeelden van inspannende ar beid worden genoemd: personen, die in de continu-arbeid des nachts aan de beurt zijn om in fabrieken, vervoerwezen (bijv. spoor, vrachtverkeer, taxibedrijf), scheep vaart of andere instellingen van algemeen nut, te werken. Personen, die krachtens hun ambt of uit liefdedienst des nachts waken (ziekenverpleging, ziekenwacht, nachtwakers enz.) Moeders, die in blijde verwachting zijn of die, vóór zij naar de kerk kunnen gaan, reeds geruime tijd drukke bezigheden hebben gehad in het huishouden. En dergelijke soort gevallen. Samengevat wordt dit personen, die tussen middernacht en de H. Communie inspannende arbeid moeten verrichten, kunnen zo nodig van de biechtvader ver lof krijgen voor de H. Communie aldus te vasten na middernacht geen vaste spij zen en geen alcoholische dranken meer; en het laatste uur geen drank meer (uit gezonderd water). Dan nog grote afstand van de kerk. Personen, die op een afstand van min stens ongeveer 2 K.M. van de kerk wonen, als zij moeten lopen (of op een evenredig grotere afstand als zij gaan rijden), kun nen van de biechtvader verlof krijgen om tot één uur voor de H. Communie wat an ders te drinken dan water (uitgezonderd weer alcoholische dranken), indien zij be zwaarlijk kunnen vasten op water alleen. De biechtvader heeft echter rekening te houden met de bijzondere moeilijkheden van het persoonlijk gestel van de commu nicant of met de bijzondere zwaarte van de tocht naar de kerk (b.v. heuvelachtig terrein, regen en wind). Samengevat wederom wordt dit aldus personen, die ongeveer een klein half uur (20 tot 25 minuten) lopen, fietsen of rij den, van de kerk wonen, kunnen, zo nodig, van de biechtvader verlof krijgen voor de H. Communie aldus te vastenna middernacht geen vaste spijzen en geen alcoholische dranken meer, en het laatste volle uur geen drank meer (uitgezonderd water). ER wordt nog een andere titel voor dispensatie genoemd, die echter in ons land slechts zelden zal kunnen worden toegepast. Het betreft het niet vroeg kunnen communiceren, waaronder slechts twee gevallen behorener zijn nl. gelovigen, die eerst laat in de ochtend een H. Mis in hun kerk, kapel of nood kapel hebben. Dit kan hier voorkomen als een priester twee kerken moet be dienen en in de eerste een vroege en in de andere slechts een late H. Mis kan lezen. Is in de laatst genoemde kerk de H. Mis eerst na 9 uur 's morgens, dan kan de priester aan de communicanten verlof geven te drinken (uitgezonderd alcoholische dranken) tot één uur voor de H. Communie, als zij bezwaarlijk alleen op water kunnen vasten. Onder deze titel behoort ook het ge val van de kinderen, die op enige afstand van de kerk en school wonen, zodat zij als zij ter H. Tafel zouden gaan, nuchter naar school zouden moe ten, omdat zij thuis niet eerst kunnen gaan ontbijten. Voor buitenparochies, waar slechts één H. Mis kort voor schooltijd wordt gelezen, zou dit het geval kunnen zijn, maar dan vallen de kinderen op aanzienlijke afstand reeds onder het hierboven genoemde derde geval. Van de andere kant vermaant de Paus uitdrukkelijk, dat alle misbruik en oneerbiedigheid ten opzichte van het H. Sacrament moet voorkomen worden. Daar is bij kinderen eerder aanleiding toe dan bij volwassenen. Een betere op lossing is dan ook wel die, welke ge vonden is in het verstrekken van melk op school; de kinderen kunnen deze dan bij de van huis meegenomen boterham onder toezicht van het onderwijzend personeel na de H. Mis in een geschikt lokaal gebruiken. Zouden, vooral om trent dit laatste punt nadere richtlijnen van de Bisschoppen verschijnen, dan heeft men zich daar natuurlijk aan te houden. T TT dit alles blijkt, dat de H. Vader, U bij al zijn tegemoetkoming ten op zichte van de noden van de mense lijke natuur, toch de ernstige bedoeling heeft niets af te doen aan de zorgvuldige voorbereiding, ook op lichamelijk gebied, die het ontvangen van de Goddelijke Spijze vereist. Wel is de zielereinheid het voornaamste en staat de geestelijke voorbereiding ver verheven boven de lichamelijke, maar de mens bestaat uit ziel en lichaam en dit laatste is wel het weerspannigste element in de dienst van God. Daarom heeft ook het lichaam t.z.t. zijn aandeel in de Godseerbiediging bij te dragen in onderdanigheid aan de geest. Bij het verlenen van de dispen satie moet dan ook de biechtvader aan dringen, dat degene, die ervan gebruik maakt, op andere wijze aanvult, wat aan het Eucharistisch vasten ontbreekt. Dat is erkend gebruik van de Kerk. Het kan gebeuren door meer zorgvuldige voor bereiding of langere dankzegging in gebed, door meer dan verplichte boet vaardigheid, vooral ook door grotere liefdadigheid dan men gewoon is. Aldus de H. Vader. B(j dit alles blijft voor de gewone ge lovige het ongemak van zijn geval aan de biechtvader te moeten voorleggen en niet zelf te mogen beslissen. Daartegenover staat echter de grote soepelheid in de regeling. In plaats dat alles centraal wordt geregeld, waardoor met particuliere omstandigheden weinig rekening kan gehouden worden, is nu de volle verantwoording op de communicant en biechtvader gelegd, die naar behoren de bijzondere omstandigheden van per soon en plaats kunnen beoordelen. Daar de dispensaties voor de priesters zelf, ongeveer gelijk aan die der gewone gelovigen, in het hun bekende vaktijd schrift worden behandeld, gaan wij die hier verder stilzwijgend voorbij. J. A. M. PREIN. Seminarie Rijsenburg. Voor het eerste artikel zie men onze editie van Maandag jl. (Van onze correspondent) De ontvangst van de radioprogramma's Hilversum I en II in de drie noordelijke provincies is al lange tijd uiterst slecht. Ook in het Oosten en Zuiden van het land hebben radiobezitters geregeld klachten omdat ook deze delen van het land niet voldoende onder het hereik van de heide zen ders te Lopik liggen, maar in die delen is verbetering gebracht door middel van hulpzenders. De hulpzender te Hoogezand is nagenoeg van geen bete kenis, omdat slechts een gedeelte van de provincie Groningen over een afstand van 20 kilometer binnen het bereik van deze. zender ligt. En zo zijn er in de provincies Groningen, Friesland en Drente hele gebieden, waar ook met de kostbaarste ontvangtoestellen een redelijk goede ontvangst niet gegarandeerd wordt. Het gebeurt, vooral tijdens de avonduren, meermalen dat een radioprogramma plotseling geheel „wegvalt'' of zodanig gestoord wordt, dat verder luisteren zenuwslopend zou zijn. En toen was het geduld ineens uitgeput! In Winschoten kwamen verontwaardigde radioluisteraars op een protestvergadering bijeen, er werd een voorlopig comité Be- Het zal wel een toevallige samenloop van omstandigheden zijn geweest, die er toe geleid heeft, dat het symposion van de Geneeskundige Afdeling van het Thijmgenootschap, Zaterdag j.l. te Til burg gehouden werd. Maar er werd deze keer niet gesproken over specialisten en ziekenfondsen, doch over: De plaats van het ziekenhuis in de samenleving. Na een algemene inleiding door de voorzitter van de afdeling kregen achtereenvolgens zes sprekers het woord, die in korte trekken de voornaamste aspecten van dit probleem behandelden. Ziekenhuisverpleging en christelijk per spectief was het onderwerp, waarmee door prof. S. Trooster S.J. de rij van sprekers werd geopend. „Christus' hulpverlening aan de zieke en lijdende mens is steeds een uitdrukkelijk heenwijzen geweest naar de veel fundamenteler verlossing van de mens uit zonde en dood; een werkdadig symbool van Christus' eigenlijke zending: de mens herstellen in zijn harmonie met God. De taak van het katholieke ziekenhuis is wél het verlenen van technisch-deskun- dige hulp maar deze is nooit te scheiden van de bovennatuurlijke taak van cari- tasbeoefening. Het moet een centrum zijn van diep christelijke beroepsuitoefening, 'n bovennatuurlijk-caritatieve instelling". Hieraan koppelde spr. verschillende con sequenties. Dr W. R. Heere, hoogleraar in de socio logie aan de Kath. Econ. Hogeschool te Tilburg, behandelde het onderwerp van sociologisch standpunt. Het ziekenhuis, vooral het gesloten ziekenhuis neemt een monopoliestelling in. Een machtspositie, die gevaren in zich kan bergen. Dit vraagt om een beroepsethos, die tot grondslag moet hebben de rechtvaardigheid en de liefde. Het streven naar (technische) ver volmaking bergt bovendien gevaren in zich van over-specialisatie, commerciali sering en massificatie. Op deze gevaren werd ook gewezen door dr J. B. Stolte, internist-directeur van het St. Elisabeth-Ziekenhuis, te Tilburg, die de steeds verder gaande splitsing in deel- speciaiismen gevaarlijk achtte voor de zieke. De toepassing ervan dient alleen te geschieden in evident noodzakelijke ge vallen. Specialisering leidt tot isolatie van de specialist en zijn behandeling en dit kan alleen door goed „stafwerk" gecom penseerd worden. Naar de mening van dr Stolte dient de verhouding specialistpatiënt ongerept te blijven. Hij is dan ook voorstander van „all-out" relatie met het ziekenhuis, d.w.z. dat de specialist van het ziekenhuis geen honorarium ontvangt, maar deze kwestie rechtstreeks met de patiënt c.q. de zie kenfondsen regelt, 't Ziekenhuis moet dan echter in aanmerking nemen, dat een be paald aantal bedden nodig is voor de be staanszekerheid van de specialist. De buitensluiting van de huisarts acht dr Stolte beslist een nadeel. Belangrijke beslissingen over de patiënt mogen niet buiten de huisarts om genomen worden. Helaas komt het veel voor, dat de huis arts onkundig wordt gelaten. Hiermee in overeenstemming was het betoog van dr H. Festen, huisarts te Til burg, die de positie van de huisarts aan een nader onderzoek onderwierp. Naar zijn mening moet de huisarts wel kom zijn in het ziekenhuis cn moet deze faciliteiten verkrijgen ter medebehande ling van zijn patiënten. Opneming en ont slag van de patiënt dient in overleg met de huisarts te geschieden en van zijn kant dient de huisarts de specialist bij de nabe handeling in te schakelen. De huisarts moet echter niet zelfstandig patiënten in hel ziekenhuis behandelen. Onder de rij van sprekers bevond zich ook een bedrijfspsycholoog, J. M. van Susante, die er op wees, hoe ondanks de grote verschillen, die bestaan tussen ziekenhuis en bedrijfsleven, toch bepaalde bedrijfspsychologische methoden voor toe passing in aanmerking zouden kunnen komen, hetgeen de goede gang van zaken binnen het ziekenhuis ten goede kan komen. Tenslotte sprak rector A. A. M. Sanders pr. over 't Katholieke Ziekenhuis als ziel zorgcentrum. Het belang van de zielzorg in het ziekenhuis kan niet gemakkelijk worden overschat. Als voorbeeld noemde spr. het feit, dat in Parijs en Wenen 97 a 98 pet van degenen, die er in ziekenhuizen overlijden nog tijdig tot inkeer komen. In een enthousiast betoog schetste rector Sanders verder de mooie maar ingewik kelde taak van de zielzorger in het zieken huis. Na de middag werd nog gediscussieerd over de hierboven genoemde onderwerpen terwijl tenslotte het gezelschap in secties uiteenviel ter behandeling van enige medisch-wetenschappelijke onderwerpen. (Van onze Limburgse redacteur) Het bedrag, dat de Limburgse bevolking bij gelegenheid van de geboorte van H.K. Hoogheid Prinses Juliana als feestgave bijeenbracht, heeft Hare Majesteit Koningin Wilhelmina geschonken aan de R.K. Vroedvrouwen school, welke te Heerlen in aanbouw was. Uit waardering voor dit vor stelijk gebaar werd de officiële stichtingsdatum op 30 April 1909 gefixeerd. Hoe goed de beminde Vorstin het belang van deze opleiding tot vroedvrouw begreep, bleek toen zij in gezelschap van wijlen Prins Hendrik de inrichting die haar naam ontving, 28 Juni 1913 met een bezoek vereerde. Vandaag is het veertig jaar geleden dat de Heerlense Vroedvrouwenschool geopend werd. Dit jubileum zal op 19 Mei a.s. worden gevierd. De officiële plechtige opening had op 9 Mei 1913 plaats in de aanwezigheid van een illuster gezelschap. Het schoolgebouw aan de Akerstraat waarin thans de pollkliniek van het St. Joseph-ziekenhuis gevestigd is was In die dagen jnist gereed gekomen. Met deze inrichting had de R.K. Vereniging Moeder- schapszorg het doel bereikt dat zij zich gesteld had: een kweekschool voor vroed vrouwen stichten, waaraan een kliniek voor verloskunde en gynaecologie verbon den was. Dr Clemens Meuleman, de eerste geneesheer-directeur, heeft later ver klaard, dat een naar zijn overtuiging pro videntiële beschikking hem duidelijk had gemaakt, dat deze doelstelling verbreed moest worden, want in de nacht die volg. de op de opening, meldde zich de eerste patiënte aan: een jonge vrouw, die onge huwd moeder moest worden. De dokter begreep, dat de school op dit gebied een belangrijke sociale taak te verrichten had, daar deze gevallenen in haar omgeving meestal een behande ling te wachten stond die met de begin selen der christelijke naastenliefde en verzoenende vergevingsgezindheid in strijd was. Doorgaans werd het pasgebo ren kind van de moeder gescheiden en van de verloskamer overgebracht naar de zaal van een of ander vondelingen gesticht. „Moeder en kind behoren bij elkaar te blijven" was het rechtvaardig stand, punt van deze verdienstelijke man, die zijn leven lang gestreden heeft om de ongehuwde moeder uit haar gevallen staat op te heffen en in de maatschappij te rehabiliteren. Door de moeder in bescherming te nemen wilde hij aan het natuurlijk kind, dat meestal een al te vroege dood stierf, de best mogelijke levenskansen bieden. Teneinde dit doel te bereiken, verbond hij aan de Vroedvrouwenschool een door gangshuis, dat als Centraal Katholiek Moederhuis 'n toevluchtsoord werd voor ongehuwde moeders. Door het voorbeel dig werk dat op deze afdeling onder de leiding tot 1948 van de Zusters van het Kostbaar Bloed van Aarle-Rixtel en daarna van de Zusters van Liefde uit Tilburg ge presteerd werd, ging men algemeen inzien, dat het natuurlijke kind een onaanvecht baar recht op de bescherming van zijn jeugdig leven bezit. De kweekschool voor vroedvrouwen was voor het katholieke Zuiden noodzakelijk, want daar bestond een groot gebrek aan deze mensen. Het land beschikte over drie vroedvrou wenscholen: te Amsterdam, Rotterdam en Groningen, welke laatste te theoretisch en te weinig practisch was ingesteld en opge heven werd omdat ze niet met haar tijd mee ging. Vroedvrouwen, die aan deze neutrale instellingen gestudeerd hadden, vestigden zich bij uitzondering beneden de Moerdijk. Toch was in Brabant en Lim burg verloskundige hulp het meest nood zakelijk, want de kindersterfte was er schrikbarend hoog. De ouderwetse bakers die bij de bevalling assisteerden wisten even weinig van het vak af als de moeders van babyverzorging en de hygiëne liet over het algemeen veel te wensen over. De gevolgen konden niet uit blijven. Op de Sociale Dagen, die in 1909 te Rot terdam gehouden werden, bepleitte de Leidse geneesheer dr Clemens Meuleman de noodzaak van een katholieke vroed vrouwenopleiding voor het Zuiden van ons land. Minister Ruys de Beerenbrouck en mgr. Nolens waren het met hem eens en steunden hem krachtig. De vroedvrou wenschool is er veertig jaar geleden ge komen, in een tijd, waarin de medische fa culteit van onze universiteit nog verre toe komstmuziek was. Aan hun pioniersarbeid dankt katholiek Nederland deze voortreffelijke inrichting, die op Hoog-Hees bij Heerlerbaan in het Limburgse heuvelland tegen de achter grond van het Imstenraederbos zo ro- mantisch gelegen is, dat men moeilijk voor dit uitgebreid complex een idyllischer plekje zou kunnen vinden. Architect Jan Stuyt heeft de school roy aal gebouwd. Operatie- en verloskamers, klasse-afdelingen en zalen, polikliniek voor verloskunde en vrouwenziekten, les lokalen, keukens, wasserij, naaikamer enz. zijn ruim, breed en hoog van afmetingen. Aan de school is een consulatiebureau voor aanstaande moeders verbonden. Vrouwen die in verwachting zijn worden verpleegd op de afdelingen welke naar prof. dr Hector Treub werd genoemd, de man, die zich op het gebied van de prae- natale zorg bijzonder verdienstelijk ge maakt heeft. Infectieuze patiënten liggen op de Ignaz Philipp Semmelweis-afdeling, de naam van de beroemde Weense genees heer, die er in slaagde de beruchte kraam vrouwenkoorts doeltreffend te bestrijden. Dit gedeelte is geïsoleerd van de overige gebouwen en mag slechts van buiten be reikt worden. Het is overigens een verheugend feit, dat geen enkele moeder in het afgelopen jaar overleed. En dat wil op ongeveer 400 operaties en 800 bevallingen wat zeggen. Toen dr Cl. Meuleman in 1932 ove£" leed, werd hij opgevolgd door de heer j. J. Lubbers, die hem als chef de clmique ter zijde had gestaan. Gedurende de ruim twintig jaren van zijn bestuur heeft deze geneesheer-directeur de inrichting voort durend aangepast aan de eisen welke de moderne medische wetenschap stelt. Zo onderging het laboratorium onder zijn lei ding een belangrijke uitbreiding. In het Juliana-paviljoen kwam een couveuse-af deling tot stand, waarover een kinderarts werd aangesteld. De kliniek van de vroed vrouwenschool behoorde tot de eerste in stellingen in den lande waar exsangui- natie-transfusies bij pas geborenen met negatieve rhesus-factoren werden toe gepast. Uit het uitgebreid documenta tiemateriaal waarover het archief beschikt werden vijf proefschriften samengesteld. Ook werken de artsen aan diverse medi sche periodieken mee. De opleiding der leerlingen, die in een uitstekende samenwerking door religieu- sen en leken verzorgd wordt, is zowel theoretisch als practisch. De algemene vorming berust bij de Zuster van Liefde en de technische opleiding wordt door leken gegeven. Het gouden bestaansfeest zal vermoede- 'ijk niet meer in dit mooie gebouw her dacht worden, want over tien jaar zitten ■ïaar alle waarschijnlijkheid de muren vol cheuren en zijn de deuren ontzet. Het is i.I. zeker, dat enige honderden meters inder de school een kostbare voorraad vnthraciet verborgen ligt. Ook staat het vast, dat de regering aan de directie van ie Oranje Nassau-mijnen te Heerlen ver acht heeft deze steenkool ter besparing an deviezen te ontginnen. Onderhan- lelingcn over dit onderwerp ziin gaande. Zijn onze inlichtingen juist, dan is het vel zo goed als zeker dat dit gebouwen complex ten offer zal vallen aan de del ving van het zwarte goud. Officieel is daaromtrent nog niets be paald. langen Noordelijke Luisteraars opgericht en er werd een protesttelegram gezonden aan het Centraal Bureau Radio Omroep. En dat was meteen een wekroep tot een stille opstand van noordelijke luisteraars, want het stroomde van alle kanten ad- haesiebetuigingen. Niet alleen werden in Oost-Groningen tal van plaatselijke comi- te's opgericht, maar in enkele dagen ver breidde de actie zich over het gehele Noorden. En zo is dezer dagen een definitief noor delijk comité gevormd, waarin belangrijke figuren zitting hebben genomen. Het comité bestaat uit de heren L. Foreman, Winschoten; H. Wal, Winschoten; J. J. Leeninga, Groningen; dr Buurrna, Gro ningen; dr W. Kok, Leeuwarden, pater Hettema, Drachten; R. Zegering Hadders, Emmen en dr J. Naarding, Assen. Uiter aard blijft het „hoofdkwartier" in Win schoten. Er is een werkcomité, bestaande uit de heren R. de Graaf, H. Wal, L. Fore man, J. W. Hiskes en P. J. Messink. Wanneer men het comité de vraag voor legt, wat nu eigenlijk kort samengevat het doel is van de actie, dan krijgt men ten antwoord: „Wij wensen een ongestoorde ontvangst in het Noorden. Een manifesta tie van alle radioluisteraars, ongeacht de omroepvereniging, waarvan zij deel uit maken, is nodig om de aandacht van de betrokken instanties op het euvel te ves tigen". Het is dan ook de bedoeling van het comité om met klem de aandacht af te dwingen van de betrokken instanties. Als een oplossing worden voorgehouden de zgn. F. M. zenders, de Frequentie-Mo dulatiezenders, die in Duitsland met zoveel succes worden gebruikt. Als de radio-in stanties een betere oplossing weten, dan vindt het comité dat uitstekend, maar zij wijst er op dat het lapmiddel van nog meer steunzenders volgens het huidige stelsel geen oplossing geeft. Van de zijde van het actiecomité ver namen wij over de achtergrond van dit radio-drama, dat de ellende ontstond, toen Nederland op de conferentie te Kopen hagen in 1950 bij de verdeling van de middengolf (185-575 m) „een sterke veer moest laten" door de verschuiving van de 485 m. naar de 402 m., die aanmerkelijk slechter is. Voordien waren we onze goede 1875 en 1042 m. reeds kwijtgeraakt. De middengolf geeft enkel ongestoorde ont vangst, indien er niet meer dan 50 stations op geplaats worden. Er werden evenwel 121 plaatsen toegewezen, waarbij zich speciaal in de avonduren nog allerlei zenders „tussenwringen". Het gevolg is dat men allerlei zenders door elkaar hoort of telkens een andere zender op de achter grond beluistert. De sterkte van een zen der neemt echter af naarmate men or verder vandaan woont.. Daarom heeft het Westen van het land evenals het centrum een goede ontvangst, want zij hebben de zenders te Lopik in hun midden. Opvoe ring van de energie van de zenders is ook niet toegestaan. De enige oplossing ziet het comité dan ook in de F.M.-zenders. Duitsland begon na de oorlog met de bouw van deze zenders op advies van de Amerikaanse bezetter, gezien de grote voordelen, die deze zenders hebben. Immers deze zen ders kunnen niet donr buitenlandse zen ders worden gestoord (ongewenste propa ganda kan worden geweerd) cn verder wordt een goede ontvangst gegarandeerd, want zij zijn niet te beïnvloeden door on weer of storingen. Eén zo'n zender in het hart van de drie Noordelijke provinciën geplaats, aldus redeneert het actie-comité en de ontvangst zou in deze streken vol maakt zijn. De kosten kunnen onmogelijk een onoverkomelijk bezwaar zijn, want deze zenders zijn niet duur en kunnen daaren boven ook nog gebruikt worden voor de televisie, waarvoor men 12 millioen gulden wil uittrekken. Een bezwaar is dat deze F.M.-zenders uitsluitend gebruikt kunnen worden op de drie-meter band. Het merendeel van de huidige radiotoestellen is niet van een drie-meter-band voorzien. Maar de handel heeft inmiddels een voor- zetapparaat op de markt gebracht, da» zeker in een behoefte voorziet. Zowel bij de PTT als bij de Radio-Unie is men het er al lang over eens dat hei gebruik van de F.M. zenders de enige afdoende mogelijkheid is om uit de zen- der-chaos te komen, zo beweren actie comité-leden, die echter ook geen ant woord weten op de vraag, waarom invoe ring dan toch nog maar steeds getraineerd wordt. Misschien echter wordt dit probleem nu met grotere spoed bekeken, nu duizenden radioluisteraars niet langer genoegen nemen met de bestaande toestand, nu dui zenden protesteren tegen de radioluister bijdrage in Friesland is er inmiddels een principiële rechtszaak over geweest en in actie zijn gekomen. P.T.T. Radioraad, Radio-unie, Nozema (Nederlandse Om roep Zender Maatschappij), omroepvereni gingen, alle hebben hierin iets te zeggen, Hoge P.T.T. functionarissen beweren ook weer volgens het actie-comité dat, als de P.T.T. er alleen over te beslissen had, de F.M- zenders er al lang geweest zouden zijn. En de Omroepverenigingen? Enkele hebben gereageerd op de actie in he» Noorden, maar geen van de omroepvereni gingen schaart zich achter de luisteraars in het Noorden. Zien de omroepverenigin gen een goede regionale ontvangst, waar dan ook, niet graag? Vrezen zij een te sterk regionaal karakter? Intussen breidt de actie zich uit. Ook Twente toont reeds grote interesse. Er wordt met grote energie gewerkt., temeer daar de Radioraad zoals gezegd inmiddels aan de Tweede Kamer het advies heef» gegeven 12 millioen gulden uit te trekken voor de uitbreiding van de televisie. Tele visie? Goed, maar eerst goede radio- ontvangst voor tienduizendenDage lijks sluiten zich meer radioluisteraars aan. Zo sloot een enthousiaste groep zich aan onder de slagzin: „Wij doen mee, want wc zijn niet tevree, over Hilversum I en II". Vandaag zal er een bespreking plaats vinden tussen het comité en de N.V. Nozema over de mogelijkheden. P.T.T.- technici doen voorts op het ogenblik veld sterktemetingen. De eerste successen Na nauwelijks twee jaren van stille teruggetrokkenheid en welverdiende rust, na meer dan 40 jaren zwaar en zegenrijk missiewerk in Afrika en In donesië, is mgr H. Leven op de avond van 30 Januari 1953, voorzien van de laatste H. Sacramenten der stervenden, tengevolge van een ernstige asthma-aan- val gestorven. Mgr Leven werd als eerste zoon van de hoofdonderwijzer in Lank bij Krefeld (Duitsland) 13 Juni 1883 geboren. Op 13- jarige leeftijd trad hij te Steyl in het Missiehuis St. Michael in, hij voltooide zijn hogere studies in het Seminarie St. Gabriël bij Wenen, waar hij 29 Sept. 1910 de H. Priesterwijding ontving. Met jeug dige geestdrift volgde hij in 1911 de wens van zijn oversten en vertrok naar de Togo-missie aan de Westkust van Afrika. Het, was een zware slag voor hem, toen hij na zes jaren met alle mis sionarissen het opbloeiende missieveld moest verlaten en van Engeland uit ge- repatrieerd werd. Terstond begaf hij zich in de zielzorg, totdat zijn oversten op zijn vurige wens ingingen en hem naar de Flo- res-Timor missie stuurden, die toen juist door de Paters van Steyl was overge nomen. Veertien jaren lang werkte hij nu aan de opbouw van deze missie, die reeds in 1922 tot het Apostolisch Vicariaat van de Kleine Sunda-Eilanden was verheven. In 1927 benoemde hem zijn bisschop mgr Arn. Verstraelen, tot Provicaris van de missie. Toen hjj tot missionaris van Flores- Timor benoemd werd. begon hij meteen met de grootste ijver Nederlands te leren en hij rustte niet, totdat hij dit. heel cor rect en vloeiend sprak. Hetzelfde deed hij ook in de missie met de inlandse taal. I Geen wonder dan ook, dat hij zowel door de bevolking als door de Nederlandse ambtenaren zeer gerespecteerd werd en hij in alle kringen graag gezien was. Toen mgr Verstraelen in 1933 het slachtoffer werd van een auto-ongeluk, benoemde Rome mgr Leven tot diens op volger. Een grote taak wachtte hem. Om het begin te maken met een nauwkeurig omschreven, missiemethode en alle ge wichtige kwesties te kunnen bespreken, hield mgr Leven in 1935 de eerste missie synode van de Kleine Sunda-Eilanden. Het schoolwezen, waarvan de missie het monopolie bezat, werd volgens een vast program aangepakt, de financiële moei lijkheden werden opgelost en er werd als het ware met een nieuwe periode van missionnering begonnen. Reeds het vol gende jaar kon Timor als een eigen vica riaat afgescheiden worden. In de strijd om afschaffing van de tegen de missie gerichte paragraaf 177 werd in 1935 be reikt, dat men ook op Bali-Lomlbofc mocht beginnen te missionneren. Voor dit gebied werd in 1950 een eigen Apost. Prefectuur Den Pasar opgericht. In 1937 kon men met het groot-seminarie voor de gehele Steyler-missie in Indonesië te Ledalero op Flores beginnen, waar tot nu reeds 38 Indonesiërs de H- Priester wijding ontvingen. Toen dan in 1945 de Nederlandse en later ook de Duitse missionarissen terug keerden en nieuw personeel uit Nederland arriveerde, groeide de Floresmissie zien derogen zowel naar buiten als innerlijk. Het gelukte mgr Leven lekenapostelen dokters en de zusters van de Missieschool te Ubbergen voor de missie te winnen, aan de Fraters van Utrecht het Middel baar onderwijs op Flores toe te vertrou wen en de economische bedrijven van de missie uit te breiden. Ook kwam onder zijn bestuur een Congregatie voor Indo nesische Zusters tot stand. Zelden zal een missiebisschop zoveel kruis en lijden maar ook zoveel grote successsen hebben mogen beleven als mgr Leven. In z(jn wapen droeg hij de spreuk voor beide; leed en zegen: „O Crux ave spes unica' Als zegeteken zal hel nu ztju graf op het kerkhof van het missiehuis Ie Steyl sieren tot eervolle nagedachtenis. Gisteren is de 30-.jarige H„ werkzaam bij een worstfabriek in Olst, in het be drijf slaags geraakt met zijn 31-jarige collega P., waarbij beiden op de grond vielen. P. kwam nogal hard terecht. Hy is op eigen gelegcnhcild naar huis ge gaan, maar moest later naar het Sint Jozefziekenhuis in Deventer worden overgebracht. Daar is P. kort na aan komst aan de gevolgen overleden. Z.H. Excellentie mgr H. Tillemans M.S.C., Apostolische Vicaris van Merauke (Ned. Zuid Nieuw-Guinea) is gisteren naar Ronie vertrokken voor zijn eerste bezoek aan Zijne Heiligheid de Paus.

Gemeentearchief Schiedam - Krantenkijker

Nieuwe Schiedamsche Courant | 1953 | | pagina 8