Op welke gebouwen is Rotterdammer trots? Recreatie ondernemers fuseren „Architectuur-monumenten" in Rotterdam Na de feestdagen zal eenprijs inde SJajött doen! DE HAVENLOODS, 22 DECEMBER 1969 '00**** Het Engelse tijdschrift Architectural Design.5' publiceert geregeld kaarten met toelichting van Europese steden, die voor architectuur van belang zijn. Rotterdam, ook tot deze steden behorend, is in no. 4 van 1969 opgenomen meteen kaartvan.de binnenstad en een kaart van geheel Rotter dam, Schiedam en Vlaardingen; hierop zijn circahonderd gebouwen en kunstwer ken in dit gebied aangegeven, die Voor de kennis van de 20e- eeuwse architectuur van belang zijn. De beperking tot circa honderd betekent dat deze gebouwen voor de architectuur van meer belang war den geacht dan de andere, niet genoemde, bouwwerken. Het is mogeKjk dat vele van deze laatste gebouwen juist weer wel voor komen op een lijst, die over 10,50 of 100 jaar wordt samengesteld. De objecten van de huidige lijst zijn geko zen door R. Geurtsen en J. Piret, vijfde- jaars bouwkunde-studenten te Delft. Hoe gewetensvol de selectie ook werd verricht, door het ontbreken van duidelijke normen in de architectuur blijft de keuze persoon lijk. Ondanks deze beperkingen is de arch- itectuurkaart door de plaatsaanduiding op de kaart en de Engelse namen en adressen van de gebouwen in de toelichting, een waardevolle en unieke wegwijzer voor de in architectuur geïnteresseerde buiten landse bezoekers van Rotterdam. Waar staan nu de honderd gebouwen, waar de bezoekers worden heengeleid? Vele Rotterdammers en ook vele architecten zullen zich mateloos ergeren aan de keuze der gebouwen. Ondanks het bombarde ment blijkt de helft der objecten voor de oorlog te zijn gebouwd, waaruit men kan afleiden dat de waarde van de architectuur der vooroorlogse gebouwen hoger wordt geschat dan die der na-oorlogse. De be zoekers worden niet naar de Doelen, het Bouwcentrum, het Centraal Station of de Lijnbaanflats gestuurd, doch wel naar de Kunstkring aan de Witte de Withstraat, het „Venster" aan de Gouvernestraat, Sint Lucia aan de Aert van Nesstraat en naar de uitbreiding van een meisjesschool op een binnenhof aan de Koningsveldestraat. Aan het Weena staat alleen het Groothan delsgebouw op de lijst, aan de Coolsingel de Beurs, de Bijenkorf en de Erasmusflat, aan de Westblaak en Blaak slechts het sta tion Blaak en aan de Maasboulevard alleen het Oecumenisch Centrum. Nu kan het de Rotterdammers een zorg zijn, of onze be zoekers, die wat van de na-oorlogse wo ningbouw willen zien, alleen de Zuidplein- flat op de lijst vinden en of ze naar de Frans Bekkerstraat 70-80 in Charlois, naar het Feyenoord-Stadion of naar het ge bouw van het Westelijk handelsterrein aan de Van Vollenhovenstraat worden ge stuurd. Uit deze paar voorbeelden blijkt de groei ende kloof tussen dat wat kenners zeggen dat de moeite van een bezoek waard is en dat wat het publiek de moeite waard Vindt; een kloof zoals bij alle kunsten tus sen wat mooi heet te zijn en wat men mooi vindt. Het verschil met de andere kunsten is echter dat we in een visuele wereld le ven, die onontkoombaar is; naar Schön- berg hoeven we niet te luisteren, Joyce kunnen we ongelezen laten, doch steeds kijken we tegen onzegebouwdeomgeving aan. in de straat Hebben architecten daarom niét de plicht een architectonische vormentaal te gebrui ken, die de man in de straat kan begrijpen en waarderen in plaats van een vormen taal; afgestemd op een esthetische ideolo gie voor kenners? Kunst niet meer in de eerste plaats als daad van zelfbevrediging vap de kunstenaar te zien, doch kunst als daad voor emotionele bevrediging van het publiek? Nu zeggen de architecten dat de publieke smaak, ook die van de overheid, niet veel voorstelt en geen kompas kan zijn; het pübïiek ziet immers de architect in hoofdzaak als decorateur van gevels. De architecten, gewend aan deze miskenning, hebben de pretentie dat later, door onder wijs en opvoeding, bewustzijn voor visuele kwaliteit en waardering voor hun architec tuur ontstaan. Het publiek dat nu moet leven in chitectuur, die het noch begrijpt noch waardeert, krijgt bijval van sociaal-psycho logen als prof. Wentholt („De binnen stadsbeleving en Rotterdam"). Volgens hem dienen de wetten van de menselijke perceptie - dat wat visueel welbehagen geeft - uitgangspunt bij de vormgeving te zijn en niet een architectuurideologie, die immers tot de „troosteloze aanblik van het merendeel van de na-oorlogse ge bouwen in de binnenstad van Rotterdam leidde". De aanwezigheid van het Rotter damse stadhuis (1920), volgens vele archi tecten een misser in het bombardement, noemt Wentholt een zegen en onmisbaar als tegenhanger tot de „verstarde mondri- aanse patronen" van de omringende ge bouwen. Hij acht visueel aantrekkelijke stadsblikvelden, hoe dan ook Ontstaan, be langrijker dan de vraag of de afzonderlijke gebouwen volgens een architectuurtheorie mooi of lelijk zijn. Zou men dan ook geen architectuurdecors kunnen bouwen langs de nog open terreinen? keuze Op welke gebouwen is de Rotterdammer trots en welke laat hij zijn gasten zien? De keuze blijkt uit de fotoboeken over Rot terdam, uit folders van het stadhuis en van de V.V.V. en uit de ansichtkaartenstalle tjes. De meeste van deze gebouwen komen nietin delijstvan de honderd objecten van Architectural Design voor, terwijl omge keerd blijkt, dat van de meeste van laatst genoemde gebouwen geen foto's gepubli ceerd zijn. Voor Rotterdammers ligt de waarde van de lijst in deze nagenoeg „on bekende" gebouwen, zoals de experimen tele woningbouw aan de Justus van Effen straat (1919), de veemgebouwen aan de Rijnhaven en Lekhaven en de Vestastraat in Heyplaat. Een wandeling door de Kief- ar- hoek, Vreewijk en het Witte Dorp tonen verrassender en intiemer straten dan die in Pendrecht en de Alexanderpolder. Hoe groot is de vooruitgang in de woning bouw, nu gebleken is dat de bewoners van Vreewijk ondanks hun weinig comforta bele woningen minder verhuizen dan be woners van enige andere wijk? Uit de lijst blijkt ook, dat de Nederlandse-standaard- 1 Het Witte Huis in Rotterdam. De architectuurkaart van Rotterdam be vat ook de namen van de architecten, het bouwjaar en eventuele bijzonderheden. De criteria van de samenstellers weerspie gelen zich in de namen van de architecten telefooncel reeds 38 jaar geleden in ont- bureaus; sommige komen vaak voor, ande- H. A. J. Baanders (tuindorp Heyplaat). worpen door de Rotterdamse architecten Brinkman en Van der Vlugt. Dat de bui tenlandse bezoekers voor deze cel naar het Deliplein in Katendrecht worden verwe zen, zal bedoeld zijn voor kennisneming van andere, onarchitectonische, aspecten van onze stad. re - waaronder zeer bekende bureaus - ko men niet of nauwelijks voor. Bij zeventien objecten komen de namen Van den Broek en Bakema al of niet in combinatie voor, bij veertien Brinkman en Van der Vugt en bij elf Van Tijen en Maaskant al of niet in combinatie. nu... beduidend goedkoper De echte "Telemini" van de Knirps fabriek verkopen wij voor een aantrekkelijke prijs op onze nouveauté-afdeling. Opvouwbare damesparaplu met stalen binnenwerk (waarop wij onbeperkte garantie geven) en 100% nylon bespanning. Opgevouwen is de "Telemini" slechts 28 cm lang, geopend echter een volwaardige paraplu, U koopt 'm voor nog géén zestien gulden. lOO"/ nylon produkt Knirpsfabriek Voor de overige gebouwen worden in to taal zevenentwintig artmitecten (bureaus) genoemd, waaronder reeds vrijwel verge ten namen zoals M. Molenbroek, de archi tect van het Victoriaanse Witte Huis en Vanaf maandagavond 6 uur verkopen wij op de parterre de bekende "Telemini", een op vouwbare paraplu van de Knirps fabrieken, met prima stalen binnenwerk en 100% nylon bespanning, met foudraal, in de kleuren rood, marine, groen en bordeaux Twee gebouwen, uit 1920 en 1956, zijn van „onbekende meesters" hetgeen op merkelijk mag heten in een maatschappij, waar een architect voor de bouw van een dakkapel reeds vierendertig ondertekende formulieren en tekeningen moet indienen. Ir. P. Mulder. wa t vind je daar nu wel van deze flet woont de kerstman op de zolder van de flet daar zien we tante ted zeg maar wacht eens even ze loopt iets water te geven moetje even dichterbij komen er staan hier wel honderd kleine kerstbomen dit is de eigen kamer van de kerstman en je staat er verbaasd van hoeveel hier te zien is en er is nog iets wat ik mis waar is de kerstman zijn bed vraaghet maar aan tante ted zij neemt je aan je handje wijst met haar vinger naar die grote slee ja je ziet het heus wel goed dat is de plek waar de kerstman zijn dutje doet de kerstknechtjes van de kerstman zijn hier iets van plan het kerstfeest is weer in zicht en nu zorgen zij voor het licht dat straalt dan alle kanten uit naar oost naar west naar noord naar zuid Voor Uw man en zoons koopt deze voordelige ankiets wol-terlenka of wol-mous se, net wat ze 't liefst dragen Herenanklets in twee prachtige kwaliteiten: wol-mousse wol-terlenka. Ankiets in vele beschaafde des sins en kleuren en in alle cou rante maten, door elkaar, per paar voor nog géén twee gul het kaarsenknechtje heeft het zo druk hij maakt alle kaarsen stuk voor stuk de dikke de dunne de kleine de grote en de gekleurde worden met verf bespoten maar vóórdat al die kaarsen naar de mensen gaan steekt het kaarsenknechtje ze eerst één keertje aan het kerstkokje maakt van chocola allemaal kerstboomversierseltjes na vraag maar of je moeder er wat koopt en ze met een draadje aande kersttakken knoopt wol» ter Ie Vanaf maandagavond 6 kopen wij op de parterre deze herenanklets van een prachtige wol-mousse en wol-terlenka, in enorm assortiment dessins en kleuren en in alle courante maten, per paar de kerstballenblaasmannetjes maken hier behalve kerstballen ook veel plezier alle ballen de zilveren de gekleurde de glazen worden door deze mannetjes hier geblazen wat moet dat beest nu hier die staat hier niet voor de hert en hij loopt voor de slee steeds mag hij met de ke: en ijs zullen hem niet verhinderen kadootjes te brengen bij vele vele kinderen Vanavond tot 9 uur open andagmorgen o. <|p O" Vanavond tot 9 uur open. Ook maandagmorgen open Na ruim een jaar voorbereiding is opge richt de „Organisatie van Recreatie-onder nemers - Nederland". Hierin zijn opgegaan de Organisatie van Kamp- en Vakantiebe- stedingsbedrijven (ORKAVA) met ruim 600 leden en de Organisatie van Onderne mers en Leidinggevenden in Recreatie-, Vakantie- en Konferentieoorden (REVAKO) met 100 leden. Het nieuwe algemeen bestuur, dat een overgangsstructuur heeft, wordt gevormd door een belangrijk deel bestuursleden van de opgeheven organisaties plus de zes le den der „Commissie Éénwording". Tot voorzitter werd gekozen de heer G. Baay, tot vice-voorzitter de heer L. Gortemaker en tot secretaris-penningmeester de heer H. M. Haverkorn van Rijswijk. Het nieuwe instituut, thans de enige vakorganisatie van recreatie-onderneminge in ons land, weet zich als betrekkelijk kleine groep ge plaatst voor een grote maatschappelijke verantwoordelijkheid, weerspiegeld o.a. door niet minder dan 20 miljoen ov< nachtingen per jaar. Men stelt zich ten doel: een juiste waard ring te krijgen voor de grote betekenis van deze bedrijfstak; betrokken te worden bij de voorbereiding van wetten, regelingen en uitvoeringsbesluiten die met het recrea- tiebedrijf te maken hebben; een stem te krijgen in de publiekrechtelijke organen; op te komen (veelal op gemeentelijk ni veau) voor de rechtszekerheid en de be staanszekerheid der leden; de nodige zorg te besteden aan de opleiding en een zowel kwalitative als kwantitatieve vergroting der recreatiemogelijkheden te bevorderen. De „Organisatie Recreatie-ondernemers - Nederland" keert zich met overtuiging te gen de opvatting, dat er op korte termijn* grote behoefte zou bestaan aan en net van nieuwe terreinen met eenvoudige voorzie ningen voor toeristische kampeerders. Zeer afwijzend staat men eveneens-gelijk trouwens ook de door de Stichting Recre atie ingestelde Beraadsgroep - tegenover de invoering van een Toeristenbelasting. Een voortgaande verbetering van de va kantiespreiding in Nederland in samen werking met andere landen acht men een levensbelang voor de recreatie-bedrijven.

Gemeentearchief Schiedam - Krantenkijker

De Havenloods | 1969 | | pagina 7