DE TWEE HOPPER ZUIG ER S 82 VOOR DE CONGO, C.O. 105/106 In het Zeskant van Maart 1949 werd reeds gesproken over de nadere beschrijving, die wij zouden geven van de stoomhopperzuigers „Mateba" en „Matadi", bestemd voor de dienst in de Belgische Congo. Het eerste schip, de C.O. 105, genaamd „Mateba", zal in Augustus a.s. moeten worden opgeleverdhet tweede, C.O. 106, de „Matadi", zal vroeg in het voorjaar van 1951 gereed zijn. Algemeen Het zijn stoomhopperzuigers met een laadruiminhoud van 800 kubieke meter, geheel ingericht voor het werken in de tropen. Ze zijn daartoe voorzien van een vaste houten zonnetent, die tegen bederf geheel met dunne koperen plaat wordt afgedekt. De bediening geschiedt door een bijna uitsluitend inheemse bemanning. Hoofdafmetingen De schepen hebben een lengte tussen de loodlijnen van 67,50 meter. Bij het bepalen der hoofdafmetingen waren wij gebon den aan de door de opdrachtgever gespecificeerde diep gang, terwijl het schip wat lengte betreft opgenomen moest kunnen worden in een te Boma aanwezig drijvend droogdok. Inrichting Op ieder schip zullen slechts twee Europeanen onder de bemanning zijn, dat zijn de kapitein en de machinist. Voor ieder van deze mensen wordt een dekhuis geplaatst op het sloependek boven het achterschip, waarin zij met hun gezin kunnen wonen. Ze hebben daarin een woon vertrek, twee slaapkamers, een voor hen zelf en een voor hun event, kinderen en een badkamer. Tussen deze beide dekhuizen wordt aan weerszijden van de schoorsteen voor ieder dezer gezinnen een keuken aangebracht, terwijl voor de inheemse bedienden, geschei den van de andere bemanning, twee hutten op het achter tussendek zijn ingericht. De negerbemanning woont in het voorschip. Ze staat on der leiding van vier onderofficieren. Er is rekening mee gehouden dat negers van verschil lende stammen en dus met andere gebruiken voor be manning gemonsterd zullen kunnen worden. Om de daar door optredende conflicten zoveel mogelijk te voorko men, worden voor deze negers op het voordek twee ge scheiden dekhuisjes geplaatst, ieder met een keuken, wasplaatsen, W.C.'s, enz. In de Congo zijn de klimatologische omstandigheden zeer ongunstig. Het is er zeer warm en daarbij zeer vochtig. Om in die omstandigheden de verblijven bewoonbaar te maken, zijn ze alle voorzien van mechanische ventilatie, terwijl die der Europese bemanning zelfs van gekoelde en gedroogde lucht worden voorzien. Dat bij een dergelijke uitrusting ook behoren de nodige electrische fornuizen, koelkasten en dergelijke apparaten die mee helpen het leven in de tropen aangenamer te ma ken, behoeft geen commentaar, en daarbij is niet alleen aan de belangen der Europeanen gedacht. Er is inder daad een geweldige vooruitgang te constateren in het logies der inheemsen, wanneer wij vergelijken de inrich ting zoals we die in 1910 in de hopperzuiger „Boma" maakten, welke wij ook voor de Congo gebouwd hebben, waar alle negers in het tussendek waren ondergebracht voorin in één groot logies met rondom twee-hoog-kooien, met die zoals wij nu uitvoeren, waar de bemanning is ondergebracht in 4 grote hutten, terwijl de onderoffi cieren nu ieder een eigen hut met stromend water hebben. Machineinstallatie Het hoofdvoortstuwingswerktuig, dat ook dient voor het aandrijven der baggerpomp tijdens het zuigen, is een stoommachine van 1100 ipk bij ca. 200 omw./min. Het is een driekruks-compound machine met twee lage druk' ge lijkstroomcilinders zoals die volgens het Patent No. 20407 van wijlen Prof. Ir. G. Brouwer door L. Smit Zoon worden gebouwd. (Ook in de door Verschure Co te bouwen stoomsleepboot voor Oran, C.O. 107, zal een dergelijke machine worden geplaatst). De machines worden naast een zeer zuinig stoomverbruik gekenmerkt door een zeer eenvoudige constuctie en daar door lage onderhoudskosten. Ze kunnen sterk overbelast worden en hebben een zeer groot aanpassingsvermogen. Het is niet mogelijk in dit verband een uitgebreide ver gelijking te maken tussen dit type machine en de triple expansiemachine. Mogelijk zal de Technische Commissie der I.H.C., welke momenteel een studie aan dit onder werp wijdt, in de naaste toekomst wel een speciaal arti kel hieromtrent in ons blad plaatsen. De machine, die zal werken met oververhitte stoom, zal geheel gesloten worden uitgevoerd. Het frame zal daartoe geheel electrisch gelast worden, gebouwd van Siemens Martin materiaal. Deze geheel gesloten uitvoering maakt het mogelijk de machine uit te voeren met geforceerde smering. Ketels De schepen worden ieder voorzien van twee cilindrische ketels, ieder 185 m2 verwarmend oppervlak, stoomdruk 16 atm. Ze worden met olie gestookt en zijn voorzien van oververhitter en geforceerde trek. In verband met het toezicht van de Europese machinist

Gemeentearchief Schiedam - Krantenkijker

Het Zeskant | 1949 | | pagina 2