eöenókunót
We laboreren allen wel eens aan een lusteloze stemming, een stemming,
welke ons humeurig maakt en ons het leven doet toeschijnen als een saai
gevall, vol verveling, grauw en zonder uitzicht. We vragen ons in die
depressie-momenten dan af, of het leven, dat we leiden, wel het leven
waard is. Men ziet alles door een donkere 'bril en men, zucht: hoe houd ik
het vol, iedere dag weer hetzelfde, slapen, eten, fietsen, werken, fietsen,
eten, slapen met als enige afwisseling eens een bioscoopje of ergens
buurten. Wat een sleurleven!
Dergelijke stemmingen zijn heel gewoon. Het is zelfs zuiver menselijk om
eens echt uit je „hum" te zijn. Dat is niet erg, zolang het bij stemmingen
blijft, want na iedere depressie volgt weer opleving, die ons het leven
weer van een andere kant doet bekijken. Erger is het als deze sombere
gemoedstoestand de overhand krijgt. Als we ons niet meer aan de lusteloos
heid kunnen ontworstelen. Als de ontevredenheid met ons huidig leven
alles gaat overheersen. Dan drukken w:e inderdaad een gevaarlijk dier aan
de borst, een dier, dat gift in de aderen heeft en dat in staat is je op den
duur alle levensvreugde en arbeidslust te ontnemen. Men gaat dan verge
lijkingen trekken, zich dcodstaren op wat men niet heeft en wat men
vermoedelijk nooit zal krijgen, en juist daarom zo vruchteloos is. Dat wat
men heeft, wordt minachtend terzijde geschoven. Men vindt er geen
vreugde meer in.
Wat helpt het, of je al mokt: zat ik maar in Amerika; had ik maar een
auto; waarom zit is niet in de directiekamer? waarom verdient die vent
van hiernaast honderd gulden per maand meer dan ik?
Ja, als men zó denkt wordt het leven arm en saai.
Ware levenskunst is echter, dat men waardeert wat men heeft en niet gaat
zitten treuren over zaken, die vrijwel onbereikbaar zijn. Als je een fiets
hebt, kun je aan een auto gaan zitten denken en. die r.tfiets verwensen.
Je kunt ook anders doen en overwegen, dat je gelukkig niet behoeft te
lopen, omdat je die fiets hebt. In het laatste geval doe je wijs, Niemands
leven behoeft saai en leeg te zijn. Er is nog zoveel schoonheid om ons
heen. Leer de natuur zien en bewonderen, zoek een hobby, welke je vrije
tijd vullen kan; er zijn boeken, welke je voeren naar verre landen, of die
de geest op een hoger plan brengen; leef mee met je vrouw en kinderen en
in hun waardering, zul je genot vinden; beschouw je werk niet als een
noodzakelijk kwaad1, maar als een levensdoel en tracht u tot de werkelijke
(0) 117