IIITl UI 1 alcohol gedronken worden. Ook buiten het "normale" werk moe ten deze twee dingen met mate gebeuren. De eisen die aan een duiker, die tot grote diepten moet duiken, gesteld worden, zijn volgens Baurens niet erg streng; het voornaamste is dat de kik vorsmannen in een uitstekende fysieke conditie zijn en zij mo gen niet te lang zijn. Luchtbel Baurens nodigt ons uit om een kijkje te nemen in de klok zelf. Eén van onze mensen bleef halverwege de decompressietank en de duikerklok steken; vanwege zijn in de weg zittende lange ledematen kon hij niet verder komen. In de klok zelf is het voor een leek ook niet alles. Zittend op één van de kleine smalle, ogenschijnlijk niet erg ste vige stoeltjes en in een kleine ruimte opgesloten zijnde, is het moeilijk om het angstzweet terug te dringen. George Baurens - de rust zelve - laat zien hoe de duikers onder water de klok verlaten. Hij opent het eerste luik; men ziet de sluis, ongeveer 11/i meter lang met een diameter van nog geen meter en daarna nog een (gesloten) luik. Baurens opent ook het tweede luik. De bezoeker ziet dan onge veer twintig meter onder hem vies, zwart klotsend water. De voeten kunnen nog slechts op een richel van 15 centimeter steunen. Ondanks onze benauwde gezichten, dartelt Baurens met groot gemak in de sluis en door de cabine, alsof hij op de kermis een stijle-wand-act uitvoert. Men moet er niet aan denken dat één man 300 meter onder de waterspiegel zit terwijl het wa ter tegen de rand klotst; zelf zit de duiker in een luchtbel. De druk in de cabine is namelijk gelijk aan die buiten de cabine. Is men bijvoorbeeld op een diepte van 200 meter, dan is de druk 20 atmosfeer absoluut. Hierdoor komt er geen water in de cabine. De kikvorsmannen voeren hun werk uit, terwijl de luiken, onder aan de klok, ge opend zijn. Zij nemen een mondstuk mee, dat verbonden is aan een lijn, die op zijn beurt weer verbonden is met de zuurstoffles- sen rondom de klok. De duikers ondervinden hun grootste risico's bij de terugkeer naar het schip. Men moet dan langzaam in de decompressietank decomprimeren. Dit moet omdat op b.v. 300 meter bij een druk van 30 atmosfeer veel stikstof in het bloed komt. Komt een dui ker plotseling boven de waterspiegel waar 1 atmosfeer druk heerst, dan is die overgang veel te snel en te groot. Zijn bij ge wone duiken tot b.v. 15 a 20 meter er decompressieziektever- schijnselen als jeuk en huiduitslag, dan kunt u begrijpen dat het duiken op grote diepten nog ernstiger gevolgen kan hebben, zoals verlammingen van armen en benen, spraakverlies, blind heid, bewusteloosheid en zelfs de dood. Deze drieste, avontuurlijke en geen gevaar kennende mannen, zullen bij de eerste boringen in de Noordzee gaan duiken op een diepte van ongeveer 120 meter. Nadien echter zullen zij in de Middellandse Zee hun kunsten uit voeren, voor de kust van Corsica op een diepte van meer dan 200 meter en op sommige plaatsen zelfs tot op 300 meter. In de diepe duisternis zullen daar twee mensen in hun gele dui kerpakken zowel letterlijk als figuurlijk "onder grote druk" hun werkzaamheden verrichten. 89

Gemeentearchief Schiedam - Krantenkijker

Het Zeskant | 1972 | | pagina 9